25 februari 2016

Het uithouden in het donker

In deze periode van lijden én licht, leeft bij ons de vraag naar waar God precies in dit alles te vinden is. Hoort God bij de opstanding, en zijn Zijn contouren in het tegenlicht van Pasen te ontdekken? Dat kan iedereen wel beamen, lijkt me. Maar is God ook te vinden in het lijden? Of scherper gezegd: is onze indruk niet dat God zich afkeert van het lijden?

Ik herinner me een interview van een overlevende van een schietpartij, overgenomen van een Amerikaanse tv-zender. De geïnterviewde gaf een verklaring voor het gegeven dat zij overleefde en tientallen anderen niet: ‘God heeft een reden gehad om mij te sparen.’ Onmiddellijk roept dat het beeld op van een god die kennelijk de dood van de slachtoffers van die schietpartij dan wèl gewild zou hebben. Het is een afstandelijke god, die over het leven en de dood van mensen beschikt, en daar gevoelloos bij staat. Het beeld suggereert ook dat deze god in het lijden dat voortvloeit uit zijn handelen, zelf niet betrokken is.

De vraag naar waar God is in het lijden, is een oeroude vraag. In het Bijbelboek Job wordt dat zelfs tot thema verheven. Job aanvaardt in eerste instantie zijn enorme verdriet met de woorden ‘De Heer heeft gegeven, de Heer heeft genomen, de naam van de Heer zij geprezen’ (Job 1:21). Maar daar wordt in de vertelling van Job geen genoegen mee genomen. ‘Al het goede aanvaarden we van God, zouden we dan het kwade niet aanvaarden?’ antwoordt Job in tweede instantie (Job 2:10). Maar ook dat antwoord kan geen antwoord zijn waar Job in mag berusten, en gaandeweg dringt de vraag naar waar God dan is in zijn ellende, bij Job steeds dieper in. Zijn wanhoop wordt geloofwaardiger en zijn vragen naar God krijgt een steeds grotere klemtoon: ‘God, waar bent U?’ Totdat het vragen eindelijk stopt.

Jaren geleden schreef Annemieke Parmentier in het blad Mensen (van de onlangs opgeheven omroeporganisatie Ikon) ook over de roep om God in het lijden van mensen:

‘Ik begin steeds meer te ontdekken dat het antwoord ligt in het durven uithouden van het duister. Naar God zoeken, naar hulp zoeken, of naar oplossingen voor je problemen zoeken, is niet het zelfde. Je kunt er niet op rekenen dat God de duisternis voor je wegneemt, dat Hij een einde maakt aan dat wat je leven belast, waar je aan lijdt, wat je dwars zit. Je zet jezelf en God klem als je het bewijs van zijn aanwezigheid laat afhangen van de mate waarin de situatie ten goede verandert en je concreet geholpen wordt. (…) Ik geloof dat Gods aanwezigheid niet afhangt van de afwezigheid van dreiging, dood en leed. Het is denk ik niet goed om te willen ontsnappen uit deze concrete werkelijkheid. Dan ga je voorbij aan de noodzaak om je te verbinden met iedereen die lijdt aan de gebrokenheid van deze wereld.’

Die verbinding is essentieel. Het zoeken naar God voert je – als je begint te luisteren – naar je medemensen. We herinneren ons dat de geschiedenis van God op aarde begint met de omgekeerde vraag. Namelijk met de vraag van God naar de mens: ‘Adam, waar ben je?’ (Gen. 3:9). God legt de vraag naar de verantwoordelijkheid voor het lijden van mensen, bij de mensheid zelf. Dat verklaart de gebrokenheid van deze wereld al voor een goed deel.

De dood van Jezus aan het kruis ontmaskert op dezelfde manier ook de zich onschuldig voordoende verantwoordelijken en omstanders: ‘ben ik mijn broeders hoeder?’ (Gen. 4:9). ‘Ja’, antwoordt God bij wijze van spreken, ‘dat ben je’. Je hebt hoe dan ook deel aan het lijden van je broeders en zusters.’ Het minste wat je kunt doen is het met hen uit te houden in de duisternis. Alleen zo kun je oprecht het licht verwachten. Maar daarmee is niet alles gezegd. Hoe diep de crisis kan zijn horen we wanneer Jezus vlak voor Zijn sterven roept: ‘Mijn God. Mijn God, waarom hebt U mij verlaten?’ (Mat 27:46).

Het is goed om die woorden voluit te laten staan, zonder ze weg te redeneren. Als we tot op de bodem god-verlatenheid ervaren, begrijpen we waarom het geen Pasen kan worden zonder het lijden en de absolute donkerte van Goede Vrijdag ten volle te erkennen. Maar het Evangelie, het goede bericht van God voor de mensen, is dat iedere Goede Vrijdag verbleekt in het licht van Pasen.

        Ds. Anne Kooi

 

Dagtekst

Erediensten

(Alle diensten beginnen om 10.15 uur, tenzij anders aangegeven.)

Agenda

Taizé-ontmoeting

Taizé-ontmoeting: 11 november in de Museumkerk